Voorlichting

Het downsyndroom
Downsyndroom is een aandoening waarmee iemand wordt geboren. downsyndroom houd je je hele leven.
Mensen met downsyndroom hebben een verstandelijke beperking. Bij de een is het ernstiger dan bij de ander. Van tevoren is daar niets over te zeggen.
Mensen met downsyndroom kunnen nu vaak beter aan het gewone dagelijks leven deelnemen dan vroeger. Dat komt door speciale programma’s die hen helpen met leren. Daar moet je mee beginnen als ze nog jong zijn. Wel hebben ze hun hele leven lang begeleiding en hulp van anderen nodig.
Mensen met downsyndroom hebben vaker medische problemen, maar deze zijn nu bijna altijd goed te behandelen. Soms is een operatie nodig. Mensen met downsyndroom worden gemiddeld 60 jaar.

Meer informatie over downsyndroom.

Het edwards- of patausyndroom
Net als downsyndroom is edwards- of patausyndroom een aangeboren aandoening. Dit zijn zeer ernstige aandoeningen. De meeste kinderen overlijden voor of rond de geboorte. edwards- en patausyndroom komen veel minder voor dan downsyndroom.

Meer informatie over edwardssyndroom.

Meer informatie over patausyndroom.

Het onderzoek hieromtrent houdt in:

De NIPT
Dit is een bloedonderzoek bij de zwangere. Het onderzoek kan vanaf 11 weken zwangerschap.
De NIPT ontdekt meer kinderen met down-, edwards- en patausyndroom en de uitslag van de NIPT klopt vaker dan de uitslag van de combinatietest.
Zwangeren kunnen vanaf 1 april 2017 kiezen voor de NIPT, maar dat kan alleen als zij meedoen aan een wetenschappelijke studie (TRIDENT-2).

Meer informatie over de combinatietest.

Meer informatie over de NIPT.

Alle verschillen tussen de combinatietest en de NIPT op een rijtje gezet.

 

De NIPT geeft geen zekerheid. Maar als u een gunstige uitslag heeft, hoeft u geen vervolgonderzoek.
Als u een ongunstige uitslag heeft, kunt u kiezen voor vervolgonderzoek om zekerheid te krijgen.

Meer informatie over de zekerheid van de uitslag.