Prenatale screening
De basisfolder 'Prenatale screening op Downsyndroom en lichamelijke afwijkingen' bevat algemene informatie voor zwangeren die een prenatale screening overwegen. Als een zwangere aangeeft dat zij informatie over een prenatale screening wil ontvangen, zijn uitvoerenden verplicht om deze folder te gebruiken.
Folders van het KNOV en RIVM
Klik hiernaast voor het downloaden van een folder
|
|
Als zwangere vrouw heeft u in Nederland de mogelijkheid om uw ongeboren kind te laten onderzoeken.
Zo kunt u laten onderzoeken hoe groot de kans is op een kind met Downsyndroom.
Ook kunt u laten onderzoeken of uw kind misschien een open ruggetje heeft, of een andere aangeboren lichamelijke aandoening.
Deze onderzoeken worden prenatale screening op Downsyndroom en lichamelijke afwijkingen genoemd.
De onderzoeken kunnen u misschien geruststellen over de gezondheid van uw kind.
Maar ze kunnen u juist ook ongerust maken, en u voor moeilijke keuzes stellen.
U bepaalt zelf of u de onderzoeken wilt en of u daarna eventueel nog vervolgonderzoek wilt laten doen.
U kunt op elk moment stoppen met het onderzoek.
Als u overweegt prenatale screening te laten doen, heeft u vóór het onderzoek een uitgebreid gesprek met uw huisarts, verloskundige of gynaecoloog.
De informatie in deze brochure kan u helpen bij de voorbereiding op dit gesprek.
Onderzoek naar lichamelijke afwijkingen
Veel aanstaande ouders vragen zich af of hun baby wel gezond zal zijn. Dat is begrijpelijk.
Gelukkig worden de meeste baby’s gezond geboren.
Maar er worden ook kinderen geboren met een (ernstige) aandoening, al is de kans daarop klein.
De kans op sommige aangeboren aandoeningen kunt u al tijdens de zwangerschap laten onderzoeken.
Het gaat hierbij om Downsyndroom en een aantal lichamelijke afwijkingen.
Bij jonge vrouwen is de kans laag, deze wordt hoger naarmate de moeder ouder is.
Voor andere aangeboren afwijkingen is de leeftijd van de moeder is niet van belang.
Er zijn twee onderzoeken mogelijk:
1 Met de combinatietest wordt onderzocht of er een verhoogde kans bestaat dat uw ongeboren kind Downsyndroom heeft.
2 Met de 20-weken echo wordt onderzoek gedaan naar een open ruggetje en andere afwijkingen bij uw ongeboren kind.
Let op:
Niet alle aandoeningen (kunnen) worden onderzocht.
Als uit prenatale screening blijkt dat de kans klein is dat uw kind Downsyndroom of een lichamelijke afwijking heeft, is dit toch niet uitgesloten.
Ook kan het een andere aandoening hebben, die niet wordt ontdekt.
De voor u belangrijkste vraag: ‘Is het goed met mijn kindje?’ kan met de nu beschikbare testen nooit met volledige zekerheid worden beantwoord.
Bronvermelding van deze folder
De inhoud van deze brochures zijn ontwikkeld door de Stichting Erfocentrum in samenwerking met NHG, KNOV, NVOG, VKGN en VSOP.
De tekst is tot stand gekomen onder toezicht van een commissie bestaande uit vertegenwoordigers van RIVM, VKGN, NHG, NVOG, VSOP, Erfocentrum, KNOV en het ministerie van VWS.
Met dank aan Daniëlle Timmermans, Myra van Zwieten, de SSOV, de BOSK en Stichting Downsyndroom.
De brochure is financieel mogelijk gemaakt door het ministerie van VWS.

